Een eetstoornis heb je niet alleen

Gepubliceerd op 23 augustus 2021 om 06:30

Ik vond het ontzettend belangrijk om in mijn boek ook de verhalen van mijn naasten te delen. Ik wilde daarmee laten zien dat een eetstoornis invloed heeft op het hele gezin.

In dit blog wil ik ook graag laten zien dat een eetstoornis invloed heeft op het hele gezin. Ik zal vertellen hoe mijn ouders met mijn eetstoornis omgingen toen ik nog thuis woonde, maar ook hoe mijn zusje er mee omging en hoe ik mezelf tijdens de hele situatie voelde. Ook zal ik vertellen wat mij heeft geholpen en wat mij juist niet heeft geholpen.

 

Hoe mijn ouders met de situatie omgingen

Toen mijn ouders eenmaal wisten dat het niet goed met mij ging, maakten zij zich veel zorgen om mij. Ze wilden me graag weer zien eten en dwongen me vaak om aan tafel te blijven zitten, totdat ik hetgeen wat op mijn bord had gegeten op zou hebben. Ik kreeg daar enorm veel paniek van. Ik zou zo graag dat bord leeg willen eten, zodat mijn ouders ophielden met zich zorgen te maken. Maar ik kon het niet. Mijn eetstoornis was te sterk. Mijn eetstoornis hield me tegen. De gedachtes raasden als een gek door mijn hoofd. Ik voelde me radeloos. Mijn ouders werden vaak boos. Ze voelden zich machteloos. Destijds kon ik niet goed omgaan met die boosheid, die boosheid gaf mij een ontzettend schuldgevoel. Ik voelde me schuldig omdat ik hun leven verziekte omdat ik hun alleen maar tot last leek te zijn.

 

Hoe mijn zusje met de thuissituatie omging

Ik besef mij nu pas dat er destijds enorm veel druk stond op mijn zusje. Dat ze ontzettend snel heeft moeten opgroeien, omdat ze het gevoel had sterk te moeten zijn. Ze zag dat het niet goed ging met haar grote zus, iemand die voorheen altijd haar voorbeeld was geweest. Ineens moest ZIJ het goede voorbeeld geven.

Ik was mijn ouders al genoeg tot last, dus ik begrijp heel goed dat mijn zusje dacht dat ze mijn ouders vooral niet tot last moest zijn. Het moet voor haar een ontzettend moeilijke periode zijn geweest, dat besef ik me nu maar al te goed.

 

Er hing constant spanning in de lucht

Mijn ouders maakten zich enorm veel zorgen om mijn situatie. Logisch natuurlijk, als ouder wil je jouw kind gezond zien. Het lijkt me verschrikkelijk om als ouder te moeten toezien hoe jouw kind zichzelf uithongert en afstraft, zonder dat je er ook maar iets aan kunt doen.

Mijn ouders hebben vaak het gevoel gehad dat zij misschien iets niet goed hadden gedaan.

Aan tafel was het totaal niet meer gezellig. Iedereen wist dat elke opmerking over mijn eten kon uitdraaien tot een driftbui. Een driftbui waarin ik enorm agressief en onredelijk kon worden.

 

Bemoeienis met mijn behandeling

Mijn ouders hadden geregeld gesprekken in het ziekenhuis, samen met mijn behandelaren en mij. Ook werd ik thuis gewogen. Mijn ouders werden dagelijks geconfronteerd met mijn gewicht en moesten dus ook in de gaten houden of ik genoeg aan was gekomen. Dit zorgde er voor dat het eigenlijk vrijwel álles om mijn eetstoornis draaide. Ik had niet het gevoel dat ik nog gewoon Shannon kon zijn. Alle bemoeienis met mijn eetstoornis zorgde voor mij alleen maar voor nog meer stress en verdriet. Ik kon niemand tevreden stellen. Ik wilde het liefst verdwijnen.

 

Hoe kun je als ouder of naaste nou het beste omgaan met iemand met een eetstoornis?

Ik denk dat het ten eerste belangrijk is om niet te vergeten dat er ook nog andere dingen bestaan dan die eetstoornis; dat jouw zoon/dochter of geliefde ook nog gewoon een mens is. Natuurlijk is het moeilijk om je op andere dingen te focussen, wanneer jij je ontzettend veel zorgen maakt. Toch denk ik dat het goed is om het in ieder geval te proberen. Het heeft geen zin om druk uit te oefenen op de situatie. Het heeft geen zin om iemand te dwingen om te eten. Stel eens vragen, maar probeer ook niet te overvragen. Vraag naar wat er nou écht zo moeilijk is en hou eens op met praten over eten en gewicht. Biedt een schouder om op te huilen. Luister. En heb geduld, heel veel geduld.

Hierbij wil ik wel vermelden dat wat voor de één werkt, voor de ander niet hoeft te werken. Het is vooral belangrijk om er samen achter te komen wat werkt.

 

Het heeft mijn ouders veel moeite gekost om mij en mijn eetstoornis losser te laten, maar naar mate ze dat meer gingen doen, gaf mij dat veel meer ademruimte. Eindelijk had ik niet meer het gevoel dat ik een kleuter was. Ik moest mijn eigen keuzes leren te maken. Soms moest ik keihard op mijn bek gaan, om vervolgens ZELF weer op te staan.

Mijn ouders konden mij niet redden, ik moest mezelf redden.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.